< Schimmels of mycorrizha

Schimmels of Fungi

Over het algemeen hebben wij mensen het niet zo op schimmels. Schimmel op etenswaren of het behang zien we liever niet. Toch zijn schimmels niet weg te denken in ons bestaan. En vaak zijn ze erg nuttig. Voorbeeld: zonder schimmels hadden we geen bier of penicilline.

Kortom er zijn heel veel soorten schimmels.

Ook voor de meeste planten zijn schimmels broodnodig voor hun bestaan. Natuurlijk zijn er ook schimmels die je liever niet op je plant of boom ziet maar in dit artikel hebben we het alleen over de schimmels die we graag bij onze bomen zien. En dan met name de schimmels die we niet zien, de schimmels in de grond. In 1 gram grond zitten wel10 miljard bacteriën, tientallen meters schimmeldraden en  tienduizenden soorten organismen, zoals eencelligen.  Een emmer bosgrond bevat wel 1500 km schimmeldraden, dat is op en neer van  Utrecht naar Zwitserland.

Veel van deze schimmels  behoren tot de zogenaamde mycorrhiza schimmels. Bijna alle plantenwortels zijn geïnfecteerd door mycorrhiza schimmels, Deze schimmels zijn in de wortels enorm algemeen en groeien zelfs tussen de wortelcellen  door.

Wat zijn Mycorrhiza

Mycorrhiza komt uit het Grieks, het betekent schimmelwortel. Ongeveer 200.000 plantensoorten leven samen met mycorrhiza schimmels. De meeste landbouwgewassen waar wij van leven groeien samen met mycorrhiza schimmels. Ook de meeste bomen en veel kamerplanten hebben een samenlevingsverband met mycorrhiza schimmels.

Stel je zou wortels van gras onder een microscoop bekijken dan blijkt dat vaak wel 50% van deze wortels mycorrhiza  schimmels bevatten. Mycorrhiza schimmels zijn erg oud. Men schat dat ze ongeveer 450 miljoen  jaar geleden primitieve planten geholpen hebben het land te koloniseren. Er zijn fossiele afzettingen gevonden uit het Devoon - en Trias tijdperk van mycorrhiza schimmels

 

Er zijn diverse soorten mycorrhiza schimmels. De bekendste zijn de truffel, eekhoorntjesbrood, cantharel maar ook de vliegenzwam zijn mycorrhiza schimmels. Deze paddenstoelen zijn de vruchtlichamen van mycorrhiza schimmels. Deze mycorrhiza schimmels leven in een  symbiose met diverse boomsoorten. Echter de meeste mycorrhiza schimmels zijn microscopisch kleine sporen die je met het blote oog amper of niet kan zien.

 

Arbusculaire - en Ecto mycorrhiza 

Voor ons als bonsaïsten zijn de zogenaamde arbusculaire en Ecto mycorrhiza het meest belangrijk. Alhoewel het onderzoek naar mycorrhiza eigenlijk nog in de kinderschoenen staat weten we van deze groepen al redelijk veel.

Arbusculaire mycorrhiza  zijn vernoemd naar de arbuscules, ofwel miniatuur boompjes zoals ze die tussen wortelcellen  vormen en die je onder een microscoop zou kunnen zien. De meeste schimmels zijn heterotrofe organismen, dat betekent dat het een organisme is die hulp nodig heeft van een ander organisme om te kunnen leven. Dit soort schimmels horen tot de eukaryoten. meercellige schimmels die lange draden vormen die zich vaak ondergronds verspreiden in hun zoektocht naar voedingsstoffen. Zo een schimmelnetwerk kan een heel groot oppervlak bestrijken. Zó groot, dat het grootste organisme ter wereld een schimmel is. In Oregon (Verenigde Staten) leeft een schimmel die een oppervlak van 1.200 voetbalvelden bestrijkt.

 

 

Ectomycorrhiza (ECM) komen vrijwel alleen voor bij houtgewassen: naaldbomen uit de familie Pinaceae en loofbomen uit de Fagaceae, Tiliaceae, Betulaceae, Corylaceae, Salicaceae en andere. Bosecosystemen van koude en gematigde klimaatzones zijn afhankelijk van ectomycorrhiza voor de opname van organisch gebonden voedingsstoffen. Ectomycorrhiza zijn er in vele soorten, naar we nu weten wel 6000 verschillende. Ectomycorrhiza dringen niet zover tussen de wortelcellen als arbusculaire mycorrhiza. Ze liggen tegen de wortel aan en dringen in de krochten van de wortel.

Sommige soorten bedienen een enkele boomsoort terwijl andere meerdere boomsoorten van voedingstoffen kunnen voorzien.

 

Arbusculaire mycorrhiza (AM) zijn evolutionair gezien de oudste soorten van mycorrhiza en komt voor bij de meeste plantensoorten.

Coniferen (Taxaceae en Cupressaceae) en Loofbomen (iep, paardenkastanje, plataan, esdoorns, es) en fruitbomen maar ook rozen leven in symbiose met arbusculaire mycorrhiza. Van de arbusculaire mycorrhiza zijn er momenteel ongeveer 150 soorten bekend. Deze schimmels dringen door tot in de cellen van de wortelschors, waar zij boomvormige (arbusculaire) overdrachtsorgaantjes vormen voor de uitwisseling van suikers en voedingsstoffen.

Vanuit de gekoloniseerde wortels groeien schimmeldraden in de grond. In tegenstelling tot de fijne, door de wind verspreide  Ectomycorrhiza sporen, worden de Arbusculaire mycorrhiza sporen door dieren verspreid. Arbusculaire mycorrhiza kunnen zich niet vermeerderen buiten een levende waardplantwortel.

Er is nog één soort mycorrhiza die voor ons bonsaiïsten van belang is. Dit is een buitenbeentje en specifiek van toepassing op de groep van Rododendrons. De Ericoïde mycorrhiza (ERM) 

 

 

Ericoïde mycorrhiza (ERM) is een soort endomycorrhiza die voorkomt bij Ericales (heideachtigen) zoals dopheide en struikheide, maar ook bij de Rododendron. De Ericoïde mycorrhiza vormen in de wortelschorscellen geen arbusculea maar hyfenkluwens om het contactoppervlak tussen schimmel en plant te vergroten. In zure, bodems maken zij organisch gebonden stikstof en fosfaten voor de boom/plant beschikbaar.

Hoe gaat dit nu dat samenlevingsverband tussen een boom en mycorrhiza?

Het samenwerkingsverband tussen bomen en mycorrhiza is gebaseerd op het uitwisselen van voedingstoffen. De schimmel heeft koolstof en suikers nodig om te groeien en de plant heeft mineralen en voedingstoffen nodig om te groeien. De plant kan deze suikers en koolstof produceren onder invloed van licht. De schimmel zit in de bodem en zal dus geen licht krijgen en heeft hierdoor ook geen mechanisme ontwikkelt om deze suikers en koolstof te maken. Hiervoor heeft hij de plant nodig.

De plant maakt gebruik van zijn wortels om voedingstoffen op te nemen. Maar de voedingstoffen zitten in de grond en de plant heeft niet naar ieder voedingsmolecuul een wortel lopen. Hier helpt de schimmel de plant. Door het dichte netwerk van schimmeldraden heeft de schimmel een veel groter oppervlak om voedingstoffen te verzamelen dan de plant. Deze voedingstoffen zoals mineralen, fosfaat, stikstof en fosfor worden door de schimmel naar de plant getransporteerd.

 

 

Zie het zo: Als je de grond in een bonsaipot als een kaart ziet dan zijn de plantenwortels de snelwegen. De beschikbare voeding kan je dan zien als een winkelcentrum. Wat gebeurt er nu wanneer een winkelcentrum te ver weg van de plant staat, of wanneer de wortels voedingsstoffen niet kunnen bereiken?  Daar heeft de plant een  oplossing voor gevonden, namelijk een samenwerkingsverband met mycorrhiza. De schimmeldraden  van mycorrhiza zijn zeer dun en komen overal, de B wegen en landweggetjes op de kaart. De schimmel kan de voedingsstoffen efficiënt  opnemen en naar de plant transporteren. De boom is er blij mee.

Eén schimmel kan soms met wel twintig bomen tegelijk een symbiose hebben.

Aangezien de schimmel onder de grond leeft en geen fotosynthese mechanisme heeft is deze volledig afhankelijk van de plant. Van alle suikers die de plant produceert, wordt in veel meeste gevallen ongeveer 10 tot 20% aan mycorrhiza schimmels gegeven, dit is best veel. Andersom kunnen mycorrhiza soms wel tot 80 % van de stikstof en fosfaat aan de plant leveren.

Heeft een boom (soort) veel fijne wortels en is hij daardoor in staat om zelf veel voeding op te nemen dan is de plant of boom minder afhankelijk van micorhizza. Het is niet zo dat alle planten in samenwerking met mycorrhiza schimmels leven. Een aantal planten, zogenaamde ruderale planten die van nature op verstoorde standplaatsen groeien, hebben vaak geen mycorrhiza’s nodig. Ze hebben ze niet nodig aangezien er in deze verstoorde standplaatsen vaak genoeg basis voedingsstoffen voorhanden zijn.

Note: Alhoewel Zuid-Koreaanse wetenschappers het bestaan van lichtkanalen in de stam van planten en bomen  nog niet definitief kunnen bewijzen, claimen ze dat uit recent onderzoek blijkt dat planten licht doorgeven aan hun wortels. Wanneer dit waar is zal dit ongetwijfeld weer een nieuw licht werpen op de symbiose tussen schimmels en planten.

Ik hoop dat ik met dit artikel een beetje duidelijk heb kunnen maken hoe belangrijk mycorrhiza zijn voor bonsai in het algemeen en hoe belangrijk het voor je boom is om dit na een verpotting weer zo snel als mogelijk weer op orde te hebben in je bodemcultuur.